« Terug naar overzicht

Diabetes mellitus (suikerziekte)

Bij diabetes of suikerziekte is het suikergehalte in het bloed te hoog. Het hormoon insuline, dat wordt aangemaakt in de pancreas of alvleesklier, speelt een belangrijke rol bij het ontstaan van diabetes. Insuline zorgt ervoor dat suiker vanuit het bloed wordt opgenomen in de cellen. Een te hoog suikergehalte in het bloed beschadigt de bloedvaten. Als je al lang diabetes hebt en niet goed behandeld wordt, kan dit bijgevolg leiden tot aantasting van alle kleine bloedvaatjes in het lichaam, met gevolgen voor het hart- en vaatstelsel, de ogen, de nieren, het zenuwstelsel en de voeten.

  • Diabetes type 1: de alvleesklier maakt onvoldoende insuline aan.
  • Diabetes type 2: de cellen in het lichaam zijn minder gevoelig geworden voor insuline. Als reactie hierop gaat de alvleesklier meer insuline aanmaken. Op een bepaald moment lukt dit niet meer en ontstaat er een relatief tekort aan insuline waardoor het suikergehalte in het bloed stijgt.
  • Zwangerschapsdiabetes: ontstaat onder invloed van hormonale veranderingen tijdens de zwangerschap en verdwijnt meestal spontaan na de bevalling. Van de vrouwen met zwangerschapsdiabetes zal 20-40% later diabetes type 2 ontwikkelen, een klein deel diabetes type 1

Diabetes type 1 Vaak verlies je, voordat de diagnose wordt gesteld, onbedoeld veel gewicht op een paar weken tijd. Doordat het suikergehalte in het bloed erg hoog is, heb je veel dorst en ga je veel drinken en plassen. Diabetes type 1 begint meestal onder de leeftijd van 30 jaar (bij 85-90%). Diabetes type 2 Van de personen met diabetes type 2 heeft 80% overgewicht. De ziekte wordt meestal op oudere leeftijd vastgesteld (na de leeftijd van 35 jaar). Het metabool syndroom (of insulineresistentiesyndroom) is vaak een voorloper van diabetes type 2. Dit syndroom wordt gekenmerkt door overgewicht, verhoogde bloeddruk en afwijkende bloedwaarden van cholesterol en bloedvetten.

Je arts zal via een bloedafname het suikergehalte in je bloed bepalen. De test gebeurt nuchter, dus zonder dat je op voorhand gegeten of gedronken hebt. Vanaf 50 jaar is het aanbevolen dit jaarlijks te laten controleren.

Een gezonde levensstijl is heel belangrijk. Het is belangrijk evenwichtig en gezond te eten en te drinken. Uw arts kan hierover advies op maat geven. Ook beweging heeft veel positieve effecten op de aandoening. Vraag raad aan uw arts om op een gezonde manier meer te bewegen. Als de aanpassingen in levensstijl onvoldoende zijn, zal uw arts medicatie opstarten om de bloedsuiker onder controle te houden. Hij zal u hierover uitgebreid informeren op raadpleging.

Mensen met suikerziekte moeten elke 3-6 maanden op controle komen voor een klinisch onderzoek en een bloedafname. Eén keer per jaar zal ook een urineonderzoek uitgevoerd worden. Deze onderzoeken worden in samenspraak met uw arts afgesproken.